Miko Pac groeit internationaal
Kristof Michielsen REGIO - Miko Pac

Miko Pac groeit internationaal

REGIO - Miko Pac

Miko Group is bij het grote publiek vooral bekend van Miko Koffie. Maar wist u dat bijna de halve omzet van de beursgenoteerde familiale groep komt van de productie van kunststof verpakkingen? Miko Pac, met hoofdzetel in Oud-Turnhout, is actief tot in Indonesië en ziet nog heel wat groeimogelijkheden. Sinds enkele jaren staat Kristof Michielsen aan het hoofd van de kunststoftak.

De geschiedenis van de overkoepelende Miko Group gaat terug tot 1801 in Breda (NL). Daarmee is het bedrijf dus ouder dan België zelf. In 1901 startten de activiteiten in Turnhout; vanaf 1937 onder de naam Miko. Wanneer het bedrijf in de jaren vijftig furore maakt met de erg succesvolle eenkops-koffiefilter ontstaat de behoefte om zelf met de productie van de plastic verpakking te beginnen. Die activiteit wordt later een zelfstandige entiteit. Vandaag is kunststof goed voor 48 ­procent van de groepsomzet.

STERCK. Hoe is de kunststoftak zo kunnen groeien?

Kristof Michielsen: “Een eerste belangrijke stap was deze in het segment van de ijsroomverpakkingen. In Frankrijk bestond indertijd Miko France, een roomijsproducent die - ondanks dezelfde naam - niets te maken had met Miko Koffie. We zijn met elkaar gaan ­praten en uiteindelijk hun plastic verpakkingen gaan maken. In 1982 hebben we dan De Geest in Sint-Niklaas overgenomen, wat een verdere uitbouw van de kunststoftak betekende. We zijn blijven diversifiëren en uitbreiden met in 1999 een overname in Polen om zo ook in Oost-Europa actief te zijn. Vandaag realiseert Miko Pac een omzet van 96,6 miljoen euro. We tellen 553 medewerkers met productie-units in België, Polen en een joint venture in Indonesië. Daarnaast ­hebben we een verkoopkantoor in Duitsland en één in Frankrijk.”

Mico_Pak_Kristof_Michielsen

Voedingsindustrie

STERCK. Wie zijn jullie klanten?

Michielsen: “Dat zijn bijna uitsluitend voedingsproducenten uit verschillende marktsegmenten. Roomijsverpakkingen en diepvriesmaaltijden zijn goed voor 47 procent van onze totale omzet. Dat is een niche waar we al sinds 1970 actief in zijn. We waren indertijd een pionier met het aanbrengen van een kunststof label. Dat deden we eerst met zelfgemaakte robots. Vandaag kan je die vrij in de markt kopen. Onze buur IJsboerke is een grote klant, net als bedrijven zoals Ysco, Unilever, Nestlé, … Een tweede belangrijke niche is deze van de convenience goederen zoals schalen voor kant-en-klare maaltijden. Dat segment is enorm in opmars en goed voor 22 procent van ons volume. Je merkt duidelijk een shift van diepvriesvoeding naar verse voeding. Ook verpakkingen voor vlees, vis, gevogelte en margarine zijn belangrijke producten. Ten slotte wint de laatste jaren ook de non-food aan belang.
Onze grootste afzetmarkt is Duitsland, wat niet onlogisch is gezien de grote van het land en omdat het tussen onze twee thuislanden België en Polen ligt. De tweede ­grootste markt is Polen. Daar zijn 40 miljoen inwoners en we zijn er ook lokaal actief. De derde grootste markt is België en de vierde Indonesië, waar we nu ook een fabriek hebben.”

miko pac in cijfers
  • 5 landen actief
  • 533 medewerkers
  • 96,6 miljoen euro omzet

Geografische spreiding

STERCK. Waarmee maken jullie het verschil?

Michielsen: “Het is een groot voordeel dat we zowel in West- als Oost-Europa en nu ook in Azië een productiesite hebben. Dat geeft ons de nodige flexibiliteit en geografische spreiding. Het voordeel van onze verpakkingen is dat ze stapelbaar zijn. Zo kunnen we competitief zijn in een actieradius van 800 km. Daarna begin het transport door te wegen in de totale kostprijs. Naar verpakkingen en logistiek toe kunnen we echt op maat van de klant werken. Innovatie en ontwikkeling zijn belangrijk voor ons, bijvoorbeeld op het vlak van vormgeving. We gaan samen met klanten bepaalde modellen ontwikkelen en geven hun exclusiviteit zodat ze zich kunnen identificeren met die verpakking. Daarnaast realiseren we eigen ontwikkelingen die we vrij verkopen.

Het commitment van de mensen hier vind ik ook absoluut een sterke eigenschap van Miko Pac. Onze mensen hebben een bepaalde fierheid en verbondenheid met het bedrijf. Dat zit echt ingebakken in onze familiale bedrijfscultuur en leidt tot een hoge graad van retentie. We voorzien intern heel wat opleidingen en doorgroeimogelijkheden. Al blijven technische functies natuurlijk een knelpuntberoep. In Polen is het momenteel echter nog moeilijker om personeel te vinden door de ­verschuiving naar West-Europa.”

Mico_Pak_Kristof_Michielsen

STERCK. Automatisatie speelt een belangrijke rol?

Michielsen: “We zijn inderdaad sterk geautomatiseerd, zowel op het vlak van spuitgieten als op het vlak van thermoforming. Dat laatste is een ontwikkeling van de laatste drie jaar waarbij we starten van een film en die dan extruderen. In 2016 hebben we een investering van 3 miljoen euro gedaan in een nieuwe extrusie­lijn. Die folie heeft een laag die zuurstof tegenhoudt zodat de voeding langer houdbaar blijft en de houdbaarheidsdatum verlengd kan worden. Voor verse maaltijden is dat heel interessant. Robotisering is belangrijk voor ons en we hebben ook een volledig geautomatiseerd magazijn.”

STERCK. Ondanks dat het bedrijf stevig familiaal verankerd is, zijn jullie ook beursgenoteerd?

Michielsen: “We hebben een mix van familiaal en niet-familiaal management. Een beurs­notering creëert altijd wel een zekere druk, maar dat kan ook gezond zijn. Doordat we familiaal verankerd zijn, blijven we op lange termijn denken. We wisten bijvoorbeeld dat onze recente investering in Indonesië niet onmiddellijk return zou opleveren, maar pas over een periode van vijf jaar. Dat is geen probleem.”

Indonesië

STERCK. Waarom hebben jullie specifiek voor Indonesië gekozen?

Michielsen: “Indonesië heeft een grote thuismarkt met 250 miljoen inwoners en is tegelijk een groeimarkt. Bovendien zijn er op die markt ook al klanten van ons actief waardoor we gemakkelijker contacten kunnen leggen. Wij zijn letterlijk naar daar gevlogen en in een supermarkt gaan kijken wie er de verpakkingen maakt. Daar hebben we contact mee opgenomen en het klikte meteen. Wij delen onze knowhow op gebied van dunwandige verpakkingen met hen, dat is een heel specifieke materie. We streven naar zo weinig mogelijk gewicht van de verpakking. Een margarinevlootje bestaat bijvoorbeeld uit 14 verschillende wanddiktes. Van onze partner krijgen we dan weer de knowhow van de lokale markt en de contacten.

Het is niet de bedoeling dat we ginds gaan produceren voor Europa. Dat loont zelfs niet gezien de hoge graad van robotisering. We mikken er op de lokale en de Aziatische markt en hebben twee jaar geleden samen met onze lokale partner een greenfield gebouwd waar we beiden 50 procent eigenaar van zijn. Onze omzet bedraagt er momenteel 8 miljoen euro en nieuwe projecten zijn nog in opstart.”

Onze verpakkingen zijn stapelbaar. Daardoor kunnen we competitief zijn in een actieradius van 800 km.

Ecologische voetafdruk

STERCK. Plastic ligt intussen zwaar onder vuur. Het ecologische aspect wordt heel belangrijk?

Michielsen: “Dat is een heel grote uitdaging. We zijn natuurlijk ook totaal tegen plastic vervuiling in het ecosysteem. In de top 10 van plastic­vervuiling zit geen enkele verpakking die wij maken, maar dat speelt geen rol. Het geeft een negatieve ­perceptie naar kunststof in het ­algemeen en dat is niet goed. We werken aan gewichtsreductie zodat er zo weinig mogelijk kunststof nodig is voor een verpakking en we zorgen voor functionele verpakkingen zodat er minder voedsel over datum gaat. Tussen de 25 en 30 procent van het voedsel wordt momenteel weggegooid. De impact daarvan op het ecosysteem is nog groter dan die van plastic."

STERCK. Behoort recyclage tot de mogelijkheden?

Michielsen: “Kunststof is heel CO2-vriendelijk te produceren maar heeft één groot nadeel: het vergaat niet omdat het zo goed is. Daarom zijn we inderdaad meer en meer aan het kijken naar recyclage. De komende tijd zal je al een grote shift zien in de recyclage van non-foodverpakkingen. Dat is een heel grote markt. Idealiter gaan we ook in de voeding verpakkingen recycleren. Maar dat vraagt op technologisch vlak nog een paar jaar omdat de voedselveiligheid primeert. Je weet niet wat de eindconsument in die verpakking gestoken heeft voor recyclage. Gewoon versnipperen is daarom niet genoeg om veilig te zijn. De grote leveranciers experimenteren nu onder meer met chemische ­recyclage. Wij volgen dat op de voet zodat we op de eerste rij staan om mee op de kar te springen.”

Mico_Pak_Kristof_Michielsen

STERCK. Ook biovoedingsmateriaal wint aan populariteit?

Michielsen: “Daar is men inderdaad mee bezig. Die verpakkingen zijn evenwaardig aan het klassieke kunststof. Men kijkt dan naar de tweede generatie grondstoffen. Het mag niet ten koste gaan van de voedselketen. Een voorbeeld is boompulp waar ze olie uit kunnen trekken om daar kunststof van te maken. We starten nu een auditproces om die keuze ook aan te kunnen bieden. Er beweegt heel veel op dat vlak. Ik beschouw dat als positief. Als er technologische oplossingen gevonden worden om kunststof te hergebruiken ben je met de meest ecologische oplossing bezig die er is. We moeten wel vermijden dat er vervuiling ontstaat door allerlei afvalstromen te mengen. Men moet volledig voor kunststof kiezen ofwel volledig voor papier en karton. Als je de twee gaat mengen ontstaat er een combinatie die niet volledig te recycleren valt.”

Top5 meest gelezen
    Top5 gedeelde artikels