Tom Bongaerts knokt zijn weg terug
Het noodlot kan soms ongelofelijk hard toeslaan. Tom Bongaerts, eigenaar en zaakvoerder van drukkerij Impressa in Herentals, geraakte in oktober vorig jaar vanaf zijn middel verlamd door een ongeval. Het weerhield hem er niet van om fors te investeren in een nieuwe drukpers en een spectaculaire nieuwbouw. Het verhaal van een rasechte ondernemer die zich met ongelofelijke veerkracht weer naar boven knokt.
Tom Bongaerts ontvangt ons samen met zijn vrouw Caro Antson in zijn kantoor in Herentals. Voor het bedrijfsgebouw zijn graafmachines druk bezig met wat de fundering moet worden van het gloednieuwe bedrijfsgebouw, getekend door Wilma Wastiau. Een stevig fundament voor de toekomst ook, voor een familiebedrijf dat al 163 jaar bestaat. Hun relaas van het afgelopen jaar getuigt van een gigantische prestatie op persoonlijk, fysiek en mentaal vlak. Een inspiratiebron voor velen.
163 jaar familiegeschiedenis
“Onze familie is letterlijk al eeuwenlang actief in de uitgevers- en drukkerijwereld. In 1863 startte mijn overgrootvader als hoofdredacteur van het weekblad Kempenland. Twaalf jaar later nam hij het over van de stichtende familie. Generaties lang bleef het blad met bijbehorende drukkerij in de familie. Een hoogtepunt volgde in de jaren 60, toen het na een fusie met een gratis huis-aan-huisblad ‘Het Kempenland’ evolueerde naar een weekblad in vijf edities en op 260.000 exemplaren. Zelf kwam ik in 1993 aan boord. Mijn broer Bart was toen al actief in het bedrijf. Samen doorzwommen we heel wat watertjes en werkten we ons door een turbulente periode van fusies en overnames in de drukkerijsector, waarbij we ook zelf enkele overnames realiseerden. In 1998 verkochten we de uitgeverij, en focusten we ons op de drukkerij. Begin jaren 2000 creëerden we Impressa uit de fusie van Drukkerij De Peuter en Sint-norbertusdrukkerij. In 2007 werd de krantenpers bij Kempenland stilgezet, en in 2020 verkochten we onze vestiging van Grafix in Dessel, onze grootste site die toen mijn broer leidde. Bart trok zich daarna wat meer terug.
Ik bleef actief met Impressa. Daarmee doen we vandaag vellendrukwerk en nu nog een kleine hoeveelheid gelegenheidsdrukwerk en administratief huisstijldrukwerk, maar dat zijn al jaren dalende domeinen. Daarom doen we vooral commercieel drukwerk: POS-materiaal voor de retailsector en luxedrukwerk, van een veredeld naamkaartje tot een hardcoverboek voor een museum of immokantoor. De laatste jaren komt naast het commerciële drukwerk de focus steeds meer te liggen op industrieel drukwerk, drukwerk dat geen eindproduct op zich is, maar er deel van gaat uitmaken: etikettendrukwerk, verpakkingen, insteekkaarten, ... We maken ook zelfklevende etiketten en bepaalde vormen van bedrukte kartonnen verpakkingen. Vooral in dat industriële drukwerk zien we toekomst voor ons bedrijf.”
Investeringsbeslissing
“In de periode 2022-2023 stonden we voor een sleutelmoment. Gingen we verkopen in die consolidatiegolf of gingen we zelf een nieuw groeiverhaal proberen te schrijven? De eerste ideeën om op onze site in Herentals een flinke uitbreiding te realiseren, ontstonden op dat moment. Uiteindelijk kozen we voor Wilma Wastiau als architect. Onze vestiging bevindt zich in een vrij landelijke omgeving en ik wilde een gebouw creëren dat op de een of andere manier in die omgeving past. Het bestaande gebouw gaan we integreren in de nieuwbouw om zo tot een gebouw met een footprint van 9.000 m2 te komen. Wie hier in de toekomst komt aanrijden, zal een grote boerderij zien. Onze productiehal wordt een schuur met een schuin dak. De kantoren bootsen een langgevelboerderij na die een beetje boven het landschap zweeft. Zo gaan we naadloos op in de landelijke omgeving.”
Noodlot slaat toe
“In de zomer van 2025 hadden we een uitvoerbare vergunning en in september startten we alles op. In oktober waren de verplichte archeologiewerken achter de rug en stond de aannemer klaar om met de bouw te beginnen. Maar dat draaide even anders uit. Ik leed al langer aan de slaapstoornis RBD. Tijdens mijn REM-slaap en het dromen ligt je lichaam normaal stil in bed. Je hersenen zijn heel actief, je ogen bewegen snel, maar je lichaam beweegt niet. Dat is bij mij niet het geval. Ik beleef mijn dromen vrij actief, niet alleen met mijn hersenen, maar ook met mijn lichaam. Daardoor beweeg ik veel tijdens mijn dromen. In de zomer van 2025 werd dat erger en kwam ik ’s nachts tijdens mijn slaap ook een aantal keer uit bed.
Half oktober deed zich een extreem geval voor en ben ik tijdens een droom uit het slaapkamerraam op de eerste verdieping gevallen. Het is maar drie meter, maar ik ben heel ongelukkig neergekomen. Er zijn mensen die van hoger vallen en niets hebben. Maar ik had onder meer een ernstige fractuur aan mijn rug en werd rechtstreeks afgevoerd naar het UZA in Edegem. Na een half uur kwamen ze mijn vrouw al vertellen dat ik nooit meer zou stappen. Ik heb een volledige dwarslaesie op niveau T12. Mijn ruggenmerg is volledig onderbroken en de zenuwen zullen nooit meer aan elkaar groeien of een signaal doorgeven. Mijn T12-wervel is intussen trouwens vervangen door een stuk titanium.”
Ik was 54 jaar en was me heel bewust van het feit dat ik nooit meer zou kunnen stappen.
Broer springt in de bres
“Ze hebben me meteen tien uur geopereerd. Toen ik wakker werd, stonden mijn vrouw en mijn twee oudste kinderen naast het bed en hebben ze mij het nieuws verteld. Ik voelde onbewust al dat er iets ernstigs fout was. Het was meteen heel duidelijk en definitief. Een paar uur later stond mijn broer al bij me. Hij is in 36 uur van Australië tot naast me gereisd. Ik wist niet dat dat zo snel kon. Hij heeft ’s anderendaags in het bedrijf het nieuws gebracht en mijn afwezigheid opgevangen zolang als dat nodig was. Ik zal hem daar altijd dankbaar voor blijven. Hij had zijn bedrijf immers al verkocht en was op de achtergrond teruggetreden. Hij hoefde dat niet te doen, maar heeft een half jaar lang de leiding overgenomen.”

Knop omdraaien
“Daar lig je dan op intensieve zorgen naar het plafond te staren. Ik heb vrij snel de knop kunnen omdraaien. Ik was 54 jaar en was me heel bewust van het feit dat ik nooit meer zou kunnen stappen. De eerste helft van mijn leven was mooi geweest. Ik heb hard en goed geleefd, veel gewerkt, drie gezonde kinderen op de wereld gezet en veel gereisd. Ik heb proberen te aanvaarden dat het tweede deel anders zou zijn. Nog steeds hard werken, nog altijd proberen van het leven te genieten, maar nu op een andere manier.
Ik zag mezelf meteen als een behendige rolstoelgebruiker. Van die mensen die al jaren in een rolstoel zitten en toch van alles doen en beleven. Al snel werd pijnlijk duidelijk dat ik nog ver van zo’n behendige rolstoelgebruiker was. Gewoon rechtop zitten in bed en mijn hoofd rechthouden, was al een inspanning.”

Revalidatie
“Na een kleine maand in het UZA ben ik in het nabijgelegen Revarte opgenomen voor revalidatie. Elke voormiddag kreeg ik enkele uren kinesitherapie en elke namiddag ergotherapie en behendigheidsoefeningen. Ik had ook een schouderfractuur en vier gebroken ribben, waardoor ik pas na twee maanden ook mijn rechterarm kon trainen. Het was een lange weg met dagelijks kleine stapjes vooruit, traag maar gestaag. Figuurlijke stapjes wel. Zelfs rechtop zitten moet je opnieuw leren. Je evenwicht komt niet langer uit je voeten, benen en bekken, maar uit je core. Die moet je trainen. Je leert veel spieren kennen waarvan je niet wist dat je ze had of waarvoor je ze zou gebruiken.”
Thuiskomen
“Met Kerstmis ben ik voor de eerste keer een paar uurtjes thuis geweest. Er komt veel bij kijken om iemand in een rolstoel te verplaatsen. Met oudjaar hebben we zelf ziekenvervoer georganiseerd om oudejaarsavond met vrienden aan zee door te brengen. Het was mijn eerste nacht buiten het revalidatiecentrum. Het doet emotioneel heel veel met een mens om even thuis te zijn. Vanaf januari mocht ik in het weekend één nacht naar huis. Op 9 april ben ik uit het revalidatiecentrum mogen vertrekken. Bijna een half jaar na mijn ongeval.”
Levenslang revalideren
“Op maandagmorgen 13 april, net binnen het halfjaar na mijn ongeval, zat ik hier weer aan mijn bureau. Tevreden. Voltijds werken bleek in het begin wat overdreven. Mijn lichaam vraagt toch wat meer rust en aandacht. De ambulante revalidatie zal trouwens nooit stoppen. Ik ga nu twee keer per week stappen met de staprobot van To Walk Again hier in Herentals. Een fantastisch initiatief. Daarnaast doe ik één keer per week tness en één keer cross t. De eerste weken was ik vijftien uur per week bezig met revalidatie en dertig à veertig uur met het werk. Intussen is het aantal uren revalidatie teruggeschroefd, maar revalideren moet ik de rest van mijn leven blijven doen.
Ik heb hier een speciale statafel naast mijn bureau. Op de dagen dat ik niet ga stappen, probeer ik daar tijdens het werk een uur rechtop te staan. Mijn knieën zijn dan gefixeerd en ik word naar boven getrokken. Zo tracht ik mijn botten sterk te houden en osteoporose te vermijden. Anders ben je een vogel voor de kat. Ik heb geen gevoel in mijn benen. Als een been zou breken, dreigt een amputatie. Daarom zijn die staprobot en statafel zo belangrijk. Ook voor de bloedsomloop.”

Terug aan de slag
“Na mijn ongeval hebben we de bouw een half jaar kunnen uitstellen. Alle lof voor aannemer De Pelsmaecker, die dat in zijn planning heeft kunnen waarmaken. Een fantastische familiale onderneming die enorm met ons heeft meegedacht. De aankoop van de nieuwe drukpers was echter al naar voren geschoven.
Tijdens mijn periode in het revalidatiecentrum ben ik contact met het bedrijf blijven houden via Teams. Iedereen kwam ook op bezoek, wat soms meer op een vergadering leek dan op een bezoek. Mijn broer kwam heel frequent langs om mij op de hoogte te houden van het reilen en zeilen. En dan is er ook een tweede paar ogen en oren op de werkvloer bijgekomen met mijn oudste zoon. Die besloot op eigen initiatief om te stoppen met zijn bestaande werk en op 24-jarige leeftijd de drukkerij te vervoegen. Op 4 november is hij bij ons gestart en om de twee dagen stond hij naast mijn bed om me op de hoogte te houden en dingen te bespreken.”
Sleutelmoment
“Op het bedrijf was het natuurlijk niet gewoon back to business. We zitten op een sleutelmoment in het 163-jarige bestaan van het bedrijf. We hadden ingestemd met een ambitieus investeringsprogramma van 15 miljoen euro. Er was de nieuwe drukpers en een ambitieus bouwproces dat van start ging. Dat komt boven op de normale werking. Je moet tal van keuzes maken voor de bouw, onderhandelen met nieuwe onderaannemers, ... Het was meteen alle hens aan dek.
Ik mag me niet vergalopperen, maar zolang ik er mentaal energie uit blijf halen, heb ik het nodig om bezig te zijn. Ik zou niet thuis kunnen zitten. Dan zou ik gaan piekeren en nadenken. Zowel mijn vrouw Caro als ik zijn heel positieve mensen. Dan gaan de mensen rondom je je ook eerder proberen te motiveren. Maar het is een heel dunne lijn, ook voor onszelf, tussen motiveren en minimaliseren. De gevolgen van het ongeval zijn ongelofelijk zwaar en verre van evident.”
- 1863 oprichtingsjaar
- 9 miljoen euro omzet
- 15 miljoen euro investeringen
- 36 medewerkers
Samen sterk
“Tijdens mijn afwezigheid hebben mijn broer en zoon de continuïteit gewaarborgd, maar ook het management, de mensen in de productie en alle andere medewerkers hebben enorm veel steun gegeven en zijn op post gebleven. Alles is vlot blijven lopen. De 36 collega’s hebben echt bewezen dat ze goede medewerkers zijn. En zonder Caro, mijn vrouw, mijn steun en toeverlaat, en mijn drie kinderen, en zonder veel echt goeie vrienden ... zonder hen allen was het niet gelukt. Dat je zoveel steun krijgt, motiveerde me ook enorm.”

Twijfel
“Is er ooit een moment geweest dat ik het niet meer zag zitten? Ik heb zoals gezegd al heel snel de knop kunnen omdraaien. Maar kort na mijn ongeval zijn er wel andere opties op tafel gekomen. Moesten we de bouw niet annuleren? We zijn een familiebedrijf van de vierde generatie, met mogelijk de vijfde generatie op komst. Gingen we dat nog voortzetten of zouden we opteren voor een verkoop? Dat is ter sprake gekomen. Mijn broer en Caro hebben honderden keren gezegd: ‘weet waar je aan begint, denk goed na.’
In het begin werd gesproken over een jaar fysieke revalidatie. Het mentale proces zou veel langer duren. Maar het stellen van doelen heeft mij enorm geholpen. Zoals het bedrijf opnieuw leiden en het bouwproject starten. Daar had ik al drie jaar aan gewerkt en het was voor mij een droom en een passie om zo’n mooi gebouw te kunnen realiseren, dat ook uitgerust zal zijn met alle moderne technieken. Architectuur heeft me altijd enorm geboeid. Ik ben heel blij dat ik aan het stuur van dat project kan blijven staan.
Zo was het ook een doel voor mij om de oldtimerrally in Spanje die mijn zoon in juli organiseerde, mee te kunnen rijden. Daarvoor waren een nieuw rijbewijs en een aangepaste wagen nodig waar ik kon ingeraken, remmen en gas geven met de hand. Ik wil ook opnieuw gaan skiën met een zitski. Daar heb ik al een keer mee geoefend. En op mijn golfclub Witbos is een paragolfer op proef aangekomen. Een toestel dat me in staat moet stellen om opnieuw golf te spelen. Al zal dat heel veel oefening vergen.”
Vooral in het industriële drukwerk zien we groei.
Inspirerende voorbeelden
“Er zijn ook bepaalde mensen die me geïnspireerd hebben. Zo is er dokter Geoffroy Vandeputte, een lotgenoot en orthopedisch chirurg die in Lier werkt. Hij heeft vier jaar geleden een fietsongeval gehad, ook met een complete dwarslaesie op T12 als gevolg. Na acht maanden was hij weer aan het opereren. Caro is hem thuis gaan bezoeken en hij is ook bij mij geweest. Hij heeft ook mijn pols behandeld voor het carpaletunnelsyndroom, een typische overbelasting van de pols. Zo’n verhalen inspireren ...
En ik heb een fantastische vriendenkring waar ik heel veel steun van krijg. Mijn vrouw is zelf onderneemster in de horeca. Ze heeft in het begin een reservatieplatform opgezet voor iedereen die mij wilde bezoeken. Als ik rust nodig had, kon ik die tijdsloten dichtzetten. Mijn vrienden hebben mij ongelofelijk gesteund, zes maanden lang bijna dagelijks bezoek ...
Het is wel een uitdaging om privé de draad weer op te pikken met etentjes en dergelijke. Ik heb dat altijd ontzettend graag gedaan, maar ik moet ervoor zorgen dat ik niet overdrijf en mijn rust blijf nemen. Vooral tegen de regelmatig terugkerende revalidatie zie ik vaak op. Maar hoe meer ik ertegen opzie, hoe meer voldoening ik er achteraf van heb. Het put je fysiek uit, maar geeft je ook energie. Al moet ik opletten voor frustraties over zaken die ik niet meer zo goed zal kunnen als vroeger.”
Het stellen van doelen heeft mij enorm geholpen. Zoals het bedrijf opnieuw leiden en het bouwproject starten.

Toekomstige groei
“In ons nieuwe bedrijfsgebouw zullen we over twee ultramoderne grote persen beschikken, waaronder een state-of-the-art gloednieuwe zeskleurenpers. Vooral in het industriële drukwerk zal onze groei zitten. Het is een markt waarin we actief prospecteren. Zowel voor aanlijmetiketten als zelfklevende etiketten, met alle typische specificaties die daarbij komen kijken.
We gaan in de toekomst ook eindelijk ruimte hebben om meer te betekenen in de markt van bedrukt vouwkarton. Daarvoor is veel palletruimte nodig. In het nieuwe stapelmagazijn is er plaats voor 4.000 pallets. We gaan onze klanten volledig kunnen ontzorgen. Bovendien biedt onze nieuwe zeskleurenpers veel meer mogelijkheden dan we eerder hadden. Die kan zowel etikettendrukwerk als kartondruk aan. Er is veel automatisatie mogelijk. Er komt wellicht zelfs een tweede afwerkstraat bij. We zijn ook BRCGS-gecertificeerd, zodat we voor de voedingssector kunnen werken.
Ons drukwerk vindt zijn weg naar de hele wereld. Ons cliënteel bevindt zich vooral in de Benelux, op een uitzondering in Frankrijk of Duitsland na. Een klant kan misschien hier om de hoek zitten, maar een eindproduct maken dat tot in Australië, de VS of China verkocht wordt.”
Klantgericht blijven
“Er is in onze sector heel veel consolidatie aan de gang, in die mate dat niet alle klanten daar even blij mee zijn. Drukkerijen worden opgenomen in een grotere groep, maar de service wordt niet altijd beter. Wij ondervinden dat er veel klanten zijn die het appreciëren om samen te werken met een bedrijf op één site met een familiale insteek. Een bedrijf waar je terechtkomt bij iemand die er de vijf jaar voordien al was, er de volgende vijf jaar waarschijnlijk ook zal zijn en al je vragen kan beantwoorden. Die persoonlijke band met de klanten kunnen wij bieden. Zowel voor etiketten, vouwkarton als commercieel drukwerk. Niet alleen de klanten, maar ook het personeel spreekt dat aan.”

Vijfde generatie
“We realiseren vandaag een stabiele omzet van ongeveer 9 miljoen euro. Onze zoon is afgelopen november gestart en heeft als een van de eerste dingen de marketing op punt gezet. Daarnaast is hij onze sales online en digitaal gaan ondersteunen. Hij heeft ook een plan geschreven: ‘Impressa 2030.’ Zelfs als we dat pas enkele jaren later kunnen realiseren, zou dat heel knap zijn. We hebben dat een aantal keer doorgesproken. Het is knap dat hij zich zo ambitieus uit. We zien heel wat groeimogelijkheden. Ik vind het fantastisch dat hij aan boord is. De zoon van mijn broer is trouwens al langer werkzaam in het bedrijf. Hij werkt in de productie van zelfklevende etiketten.
Wordt dat op termijn de vijfde generatie? We zullen het moeten zien. Ze zijn allebei nog jonge twintigers en het is nog vroeg om daar iets over te zeggen. Maar we zijn alleszins die weg ingeslagen. Voor mij persoonlijk gaat het voor een stuk ook over wat je nalaat als ondernemer. Al is nalatenschap of erfenis een zwaar woord. ‘Legacy’ in het Engels vind ik beter geschikt. We willen hier nog iets neerzetten. Graag voor een volgende generatie, maar als dat niet zo is, alleszins voor de toekomst. Mijn carrière gaat nog wel even duren. We zijn nu minstens even zoet met het nieuwe gebouw, de nieuwe pers en alle uitbreidingen die we voorzien.”