De 'beiren' van de bouw
Johan Verhelst

De 'beiren' van de bouw

Sector - Verhelst Group

Gebouwen zijn zowat het enige wat je niét op het referentielijstje van Verhelst Group terugvindt. Het zegt veel over de polyvalentie van deze familiale bouwgroep, die thuis is in acht domeinen en intussen al een aantal jaar ook volop de Noord-Franse markt aftast. Johan Verhelst is terecht trots op zijn ‘beiren’, die hun stempel drukken op heel wat openbare en private projecten. “We waren een pionier in circulariteit en blijven daar hardnekkig op inzetten.”

De naam Verhelst is in de (Vlaamse) bouwwereld al decennia een begrip. Sinds 2017 leidt Johan het aannemingsbedrijf, terwijl zijn zus de bouwmaterialenhandels aanstuurt.

STERCK. Hoe zou u Verhelst Group binnen de Vlaamse aannemingswereld situeren?

Johan Verhelst: “We zijn een nog altijd 100% familiaal bedrijf, dat dankzij talrijke realisaties in de openbare en de privémarkt een heel betrouwbare status geniet omdat we samen met onze klanten meedenken over creatieve oplossingen die leiden tot hoge kwaliteit binnen het afgesproken budgettaire kader. Dankzij onze acht afdelingen doen we alles in eigen beheer en trachten we zo circulair mogelijk te werken.”

Verhelst group IN CIJFERS
  • 4 generaties
  • 8 activiteiten
  • 101 jaar (opgericht in 1925)
  • 180 miljoen euro (geconsolideerde omzet)
  • 620 'beire' medewerkers (400 bij Verhelst Group, 100 in Noord-Frankrijk, 120 in Wingene)

Gesloten kringloop

STERCK. Waar begint en eindigt jullie knowhow?

Verhelst: “Zelf gebouwen realiseren, is eigenlijk het enige wat we niet doen. We beginnen doorgaans met de asbestverwijdering en de afbraak van oude gebouwen en recycleren maximaal de materialen. Met Top-Mix Recycling hebben we nu ook een eigen entiteit die vervuilde grondfracties reinigt, onder meer gebruikmakend van fysicochemische reiniging. Daarnaast beschikken we over eigen sites voor opslag van gronden en andere stoffen voor de uitvoering van saneringen en grondwerken. Ten slotte produceren we nu ook het asfalt voor onze en andere werven zelf. Onze CO₂-voetafdruk blijft beperkt omdat we heel wat inspanningen doen om afgebroken materialen te recycleren tot grondstoffen voor nieuwe (onder)funderingen. Zo zijn we eigenlijk volledig verticaal geïntegreerd en sluiten we de kringloop.”

STERCK. Hoe past Verhelst Machines in dat plaatje?

Verhelst: “Deze pijler, die allerlei kranen en bouwliften (de)monteert, verhuurt en verkoopt, is het enige buitenbeentje in onze activiteiten. De rode draad doorheen alles wat we doen, is werken met jonge machines en recente technologie, zoals ook lasers en drones. Zodra er relevante nieuwigheden op de markt komen, investeren we daarin als een ‘early adopter’. Zo waren we ook een pionier in digitalisering, omdat dit helpt om de uitgebreide administratieve verplichtingen binnen onze sector te vervullen. Dankzij die aanpak verlossen we ook onze klanten en medewerkers grotendeels van die complexe papierwinkel. Digitalisering is bovendien een belangrijk element om jonge talenten aan boord te krijgen, zodat ook zij ‘Beiren van Verhelst’ worden.”

STERCK. Welke adelbrieven onderstrepen jullie krachtige focus op kwaliteit en duurzaamheid?

Verhelst: “Voor al onze expertises zijn we erkend in de hoogste klasse. Sinds drie jaar behoren we ook tot de Best Managed Companies. Bovendien waren we eind 2025 de eerste Belgische organisatie met een certificaat voor Trede 2 van de vernieuwde CO₂-Prestatieladder 4.0. Dat betekent dat we niet alleen onze eigen directe en energiegebonden uitstoot aanpakken, maar ook de belangrijkste CO₂-bronnen in onze volledige waardeketen analyseren en samen met ketenpartners reduceren. We moesten daarvoor concrete reductiedoelen en maatregelen voor de komende vijf tot tien jaar vastleggen. Voorbeelden daarvan zijn een eigen windmolen, zonnepanelen en recyclagesites die onderling zoveel mogelijk goederen via de binnenvaart vervoeren. Samen waren die goed voor 140.000 ton, waarmee we toch al ruim 4600 vrachtwagenritten hebben vermeden. Daarnaast hebben we onlangs aan onze hoofdzetel in Oostende (gelegen aan het Kanaal Gent- Brugge-Oostende, red.) een eigen kaaimuur aangelegd.”

Helfaut Travaux en BDM

STERCK. Sinds enkele jaren kijkt u met meer dan gewone belangstelling naar de Noord-Franse markt. Hoe weerspiegelt zich dat in jullie activiteiten?

Verhelst: “Tot voor kort waren we bij onze zuiderburen niet actief. Tegelijk merkten we dat talrijke Vlaamse ondernemers met hun onderneming in Frankrijk investeerden, onder meer omdat ze in België weinig of geen kansen krijgen om zich te vestigen of uit te breiden. Tijdens een strategische denkoefening waren er twee mogelijkheden: ons positioneren in Limburg of de Franse kaart trekken. Het is dat laatste geworden, vermits Limburg vanuit Oostende al snel twee uur rijden is, terwijl we op vijf kwartier al in Noord-Frankrijk staan. Onder meer op basis daarvan hebben we beslist om te participeren in Helfaut Travaux en BDM.”

STERCK. Wat doen die ondernemingen?

Verhelst: “In Helfaut Travaux hebben we 60% van de aandelen. De eigenaar had al een mooie leeftijd bereikt, was op zoek naar ondersteuning op het vlak van onder meer machines, IT en financiële rapportering en vond die bij ons. Met hun activiteiten (afbraakwerken, asbestverwijdering, grondwerken en recyclage) beschikken zij over heel veel gelijkaardige expertise als wij. Die man bracht ons ook op het spoor van BDM, een kleigroeve die strategisch erg nuttig kan zijn om in dezelfde regio gronden af te zetten. Met beide ondernemingen in de portfolio kunnen we onze aanwezigheid in de Franse private markt versterken. Intussen is de omzet van Helfaut Travaux al gestegen van 12 naar 20 miljoen euro, onder meer omdat de eigenaar in het management steun kreeg van een financieel, technisch en operationeel directeur. Met ons engagement daar kunnen we de Noord-Franse recyclagemarkt, die lang niet op hetzelfde niveau staat als de Vlaamse, een kwaliteitsinjectie geven. De bedoeling is om er nog succesvoller te worden door de aanpak die we in België voor Top-Mix en Top-Mix Recycling hanteren, te kopiëren.”

Spoorwegbouw

STERCK. Daar stopt het niet bij. Vanwaar uw participatie in De Witte-Vandecaveye?

Verhelst: “In dit Wingense bedrijf hebben we recent een participatie van 40% genomen. Zij leggen zich onder meer toe op elektrificatie, spoor- en infrastructuurwerken. In combinatie met onze activiteiten zorgt dat voor een nog ruimer gamma aan expertises. Via De Witte-Vandecaveye worden we actief in een niche die tot voor kort voor ons onontgonnen terrein was. Net als bij ons, voel je ook daar de passie opborrelen. Ook zij geloven rotsvast in de kracht van moderne machines en investeren daar heel regelmatig in.”

“Het lijkt me interessant om samen met hen en partners zoals Infrabel na te denken over hoe we dergelijke werken nog performanter en budgetvriendelijker kunnen uitvoeren, onder meer door er ook sterk in te zetten op recyclage. Ze zagen op relatief korte termijn hun omzet van 24 naar 42 miljoen euro stijgen, wat logischerwijs gepaard gaat met groeipijnen. Wij ondersteunen hen ook op organisatorisch vlak en fungeren als klankbord.”

STERCK. Over ondersteuning gesproken: wie is uw voornaamste klankbord?

Verhelst: “We beschikken over een sterk directiecomité en kunnen ook terugvallen op een raad van advies, waarin onder meer mijn echtgenote Caroline Vanheede (Vanheede Environment Group) actief is. Het is een enorm pluspunt dat we voor specifieke expertise bij de leden uit die raad terechtkunnen. De voorbije jaren hebben we een structuur gecreëerd waardoor het bedrijf niet meer 100% van mij afhankelijk is. Zo is er bijvoorbeeld een commercieel directeur bijgekomen en investeren we continu in duurzame technieken die Verhelst Group toekomstbestendig maken. De vijfde generatie (drie kinderen van respectievelijk 24, 21 en 18 jaar) groeit naar een moment waarop ze eventueel in de onderneming kan stappen, maar dat is toekomstmuziek.”

Digitalisering helpt om jonge talenten aan boord te krijgen.

STERCK. We gaan het bewust eens niét hebben over de vergunningsproblematiek binnen de sector. Welk thema verdient wél extra aandacht?

Verhelst: “Ik ben een voorstander van flexijobs: het is een prima systeem om mensen die meer willen werken, iets extra te gunnen en hun koopkracht te verhogen. Wél heb ik er een probleem mee als mensen hun voltijds contract willen veranderen om vier vijfden te gaan werken, aangevuld met een flexijob. We hebben al herhaaldelijk gemerkt dat mensen naar zo’n systeem willen evolueren, maar op die manier wordt het voor hun vaste werkgever veel moeilijker om de continuïteit en de vooropgestelde timing te garanderen.”

Alleen met de juiste voorwaarden worden flexijobs voor alle partijen een win-winsituatie.

“Akkoord, als werkgever kan je zo’n aanvraag van je medewerker weigeren, maar wat als een collega-aannemer voor hen wel het licht op groen wil zetten? Dan ben ik ze helemaal kwijt. Dus: doe vooral verder met die flexijobs, maar creëer alsjeblieft wel de juiste voorwaarden (alleen voor mensen die al voltijds werken, red.), zodat het voor àlle partijen een win-winsituatie is. En, nu we toch bezig zijn: zet de mogelijkheden voor duaal leren nog extra in de verf, zodat jongeren zo snel mogelijk met een bouwstiel vertrouwd raken, die ze dankzij ergonomische machines een carrière lang kunnen beoefenen.”

Top5 meest gelezen
    Top5 gedeelde artikels