De bouw wil bouwen, niet wachten
Philippe Bogaert & Jan Libeer

De bouw wil bouwen, niet wachten

Sector - Embuild

“Dit is zo’n mooie sector. De manier waarop de bouw zich de voorbije jaren heeft geprofessionaliseerd, verdient alle lof. Toch kreunen heel wat bouwondernemingen onder de torenhoge regeldruk, het gebrek aan één duidelijk beleid en de vergunningsproblematiek. Geef onze aannemers de zuurstof om de gebouwen van morgen te realiseren, want moderne woningen, de vernieuwing van ons wegennet en nieuwe infrastructuur voor de industrie zijn broodnodig.” Aan het woord zijn Jan Libeer (algemeen directeur Embuild West-Vlaanderen) en Philip Bogaert (co-directeur Embuild Oost-Vlaanderen).

STERCK. Heren, met welk gevoel kijken jullie vandaag naar jullie sector?

Jan Libeer: “Na enkele bijzonder moeilijke jaren zien we voorzichtig licht aan het einde van de tunnel, maar van een echt herstel is nog geen sprake. De activiteit trekt in 2026 licht aan, vooral dankzij de niet-residentiële bouw en een aantal grotere investeringen. De klassieke woningbouw blijft onder druk staan. Vooral gezinnen stellen hun bouwplannen uit door de combinatie van hoge bouwkosten, strengere financieringsvoorwaarden en onzekerheid. Ook de renovatiemarkt presteert minder sterk dan we enkele jaren geleden hadden verwacht. Oost- en West-Vlaanderen delen die tendens, al blijft de economische dynamiek in beide provincies relatief sterk.”

Philip Bogaert: “Bepaalde niches scoren niet slecht, maar zeker de private woningbouw kraakt inderdaad harde noten, onder meer door de hoge rentes. Die hakken er zeker bij jonge bouwers sterk in. Voeg daar nog de almaar stijgende materiaalprijzen door de geopolitieke situatie aan toe en je begrijpt hoe het komt dat we de laatste drie à vier jaar met 30 procent zijn gezakt. Bovendien blijven lange vergunningsprocedures wegen op de sector. In de eerste helft van 2026 alleen al gingen meer dan 1.000 Belgische bouwbedrijven failliet.”

Libeer: “De afschaffing van de vestigingswet maakt het makkelijker om als ondernemer te beginnen, maar door de immense administratieve druk is het erg moeilijk om een zaak rendabel te krijgen of te houden. Zeker kleinere ondernemingen ontbreekt de kritische massa om vlot aan alle regeltjes te voldoen.”

emMa en tooli

Embuild ondersteunt bouwbedrijven in hun digitale groei en geeft daarbij zelf het goede voorbeeld. “Met digitale tools zoals EMMA en Tooli maken we technologie concreet en bruikbaar voor onze leden aannemers en installateurs. EMMA is de digitale assistent van Embuild, 24/7 beschikbaar voor juridische, sociale en bedrijfsspecifieke vragen. Tooli, de AI-tool van Buildwise, helpt bouwprofessionals dan weer bij hun dagelijkse taken, van technische productinformatie, offertes tot bestekken en verslagen.”

Gezond verstand

STERCK. Wat is het grootste knelpunt inzake vergunningen?

Bogaert: “Wij hebben tal van bezorgdheden. De belangrijkste is dat we ons volledig hebben vastgereden met het ruimtelijk beleid op de verschillende niveaus. Vlaanderen werkt intussen aan een nieuw Beleidsplan Ruimte Vlaanderen (BRV) dat in 2027 vorm moet krijgen. Hoewel we het belang van een doordacht ruimtebeleid onderschrijven, blijven we aandacht vragen voor de impact hiervan op het toekomstige woningaanbod in Vlaanderen.

De stappen in de hervorming van het vergunningenbeleid van minister Jo Brouns stemmen ons wel voorzichtig positief. De hervorming moet ervoor zorgen dat vergunningsprocedures sneller, eenvoudiger en juridisch robuuster worden, zonder in te boeten aan inspraak of bescherming van de leefomgeving.”

Libeer: “Pas op, wij ijveren niet voor een vrijbrief om zomaar alles te vergunnen. Het moet mogelijk blijven om bezwaren aan te tekenen en de burgers dus inspraak te geven, maar laat alstublieft het gezond verstand zegevieren. Ik heb bijvoorbeeld alle begrip voor mensen die problemen hebben met Ventilus, maar: België is een groot dorp. Het is logisch dat niet alle belangen overeenstemmen, maar voor het maatschappelijk belang is Ventilus wel broodnodig.”

“Er zijn stappen gezet om procedures efficiënter te maken, maar op het terrein ervaren veel ondernemers nog altijd te veel onzekerheid. Vooral beroepsprocedures en lange behandelingstermijnen zorgen ervoor dat projecten jaren vertraging oplopen. Daar blijft nog veel werk aan de winkel.”

Renovatietempo verdrievoudigen

STERCK. Jan haalde daarnet al aan dat de renovatiemarkt minder sterk presteert dan vooraf ingeschat. Hoe komt dat?

Bogaert: “Ook dat heeft deels te maken met overdreven regelneverij. Als een aannemer bij het opmaken van een offerte rekening moet houden met specifieke eisen die variëren per gemeente, doet dat de kost van een project aanzienlijk stijgen. Uiteindelijk is het de eindgebruiker die die kosten betaalt.”

Libeer: “Aan de kust is er wel een enorme inhaalbeweging bezig, maar daar heb je dan weer de handicap dat je tijdens juli en augustus geen werken mag uitvoeren. Nochtans is de renovatienood enorm.”

Bogaert: “Klopt. Kijk, Vlaanderen telt 5,7 miljoen woningen. Daarvan voldoet liefst 92% niet aan de huidige energievereisten. Dat betekent dat we zowat 5,2 miljoen woningen moeten renoveren. Nu gebeuren er jaarlijks circa 40.000 verbouwingen, terwijl dat tempo minstens drie keer hoger zou moeten om die inhaalbeweging te voltooien. Daar liggen dus ongelooflijke opportuniteiten voor de sector, op voorwaarde dat de overheid het geschikte kader creëert om dat mogelijk te maken.”

STERCK. Voor jonge gezinnen zijn de renovatiekosten er soms te veel aan.

Libeer: “Dat komt omdat zelfs woningen die al verschillende decennia bestaan, te duur op de markt komen, onder meer omdat veel eigenaars de waarde van hun pand overschatten. Wie een dergelijke woning koopt, weet dat dit gepaard gaat met noodzakelijke verbouwingswerken, maar vaak is het budget dan al opgesoupeerd door de kost van de woning zelf, de registratiekosten, enzovoort.”

Betaalbare transitie

STERCK. Gebouwen moeten tegenwoordig ook aan strenge duurzaamheidsvereisten voldoen. Zien jullie dat als een zegen of een vloek?

Libeer: “Ecologisch verantwoord bouwen is absoluut nodig. Het is vooral de rapportering die de goesting om te ondernemen fnuikt. In die zin is het positief dat de EU de CSRD (Corporate Social Responsibility Directive), die ondernemingen verplicht om te rapporteren over hun duurzaamheidsinspanningen, heeft versoepeld.”

Bogaert: “Investeren in duurzaamheid is een ‘no brainer’. Het zijn noodzakelijke investeringen die ook economische kansen voor de sector bieden. De verduurzaming van onze sector is dus absoluut nodig, maar ze moet ook voor bedrijven en gezinnen betaalbaar blijven. De verkoop en uitrol van warmtepompen in Vlaanderen kennen een wisselend succes. Door de hoge elektriciteitsprijzen ligt de terugverdientijd vaak een stuk hoger dan oorspronkelijk werd verwacht.”

Door de immense administratieve druk is het erg moeilijk om een zaak rendabel te krijgen of te houden.

STERCK. Is de digitaliseringsgolf al voldoende tot de integrale markt doorgedrongen?

Libeer: “Veel ondernemingen hebben al verregaande inspanningen gedaan om dat in hun organisatie te integreren. Digitale opmetingen, gebruikmaken van drones, BIM-modelling zijn daar goede voorbeelden van. Anderen willen graag op die trein springen, maar kunnen daarbij ondersteuning gebruiken. Het verheugt me wel vast te stellen dat de transitie naar de verplichte digitale facturatie via Peppol zo goed als vlekkeloos is verlopen. Ik sta trouwens dikwijls versteld van hoe slim deze sector de voorbije decennia is geworden. Dat is iets wat velen onderschatten. Ik betitel opleidingscentra voor de bouw wel eens als de universiteit van de slimme handen.”

Bogaert: “De vijf Vlaamse Embuild-organisaties zijn volop bezig met de uitrol van ‘shared services’, om de adoptie van digitale technologieën over de hele sector nog te versnellen. Onder meer via inspiratiesessies, webinars en andere initiatieven zullen we ‘best practices’ die in de sector al hun nut hebben bewezen, zo breed mogelijk kenbaar maken, in het belang van al onze leden. De bouw is veel digitaler en innovatiever dan het grote publiek denkt. Daarom moeten we jongeren aanmoedigen om te kiezen voor een carrière in de bouwsector. Het is spijtig vast te stellen dat het technisch onderwijs minder leerlingen aantrekt, terwijl duizenden vacatures oningevuld blijven en we binnenkort een vergrijzingsgolf zullen moeten opvangen. Van de buitenlandse instroom alleen zal het niet komen, want pakweg Poolse of Roemeense arbeiders zijn door een gunstiger kader in hun thuisland sneller geneigd om daar aan de slag te gaan.”

Embuilding the future

STERCK. Hoe nauw werken de diverse Embuildorganisaties in Vlaanderen eigenlijk samen?

Libeer: “We bundelen heel regelmatig de krachten, dat geldt zeker voor de West- en Oost-Vlaamse afdeling, maar het zou nog iets gestructureerder mogen. In die zin is het ‘shared services’-traject een goed voorbeeld. We willen Embuild zelf nog efficiënter organiseren, onder meer via het initiatief ‘Embuilding the future’. West- en Oost- Vlaanderen samen tellen circa 5000 leden, dat zijn quasi allemaal bedrijven met eigen medewerkers. Eenmanszaken bereiken we ook, maar moeilijker.”

De eerste stappen in de hervorming van het vergunningenbeleid van minister Jo Brouns stemmen ons voorzichtig positief.

Bogaert: “Wij zijn ook vrij complementair aan elkaar. Oost-Vlaanderen heeft een brede basis van kleine en middelgrote bouwbedrijven, aangevuld met een aantal zeer sterke grote bouwondernemingen. West-Vlaanderen heeft dan weer een opvallend sterk segment van middelgrote en grotere, vaak gespecialiseerde bouwbedrijven.

“Onze dienstverlening aan de leden is bijzonder breed en sterk. Onze belangenbehartiging kunnen we nog verder versterken. We doen op dat vlak ontzettend veel, maar wat we realiseren, blijft vaak onder de radar. Op alle niveaus zijn we dagelijks in gesprek met beleidsmakers en overheden. Alleen is het voor onze leden niet altijd zichtbaar welke impact dat heeft.”

“Daarom ben ik het eens met Jan: hoe sterker we onze krachten bundelen als één organisatie, hoe groter onze slagkracht. Samen moeten we blijven ijveren voor een duidelijk en werkbaar kader, met ruimte voor ondernemerschap en zonder onnodige regeldruk. Alleen zo kunnen we de gebouwen, infrastructuur en wegen van morgen realiseren.”

Top5 meest gelezen
    Top5 gedeelde artikels