Complexiteit is onze comfortzone
Geert Dhont & Yannick Stevens

Complexiteit is onze comfortzone

Sector - Denys

De aanleg van ondergrondse hoogspanningsleidingen, werken op Rechteroever in functie van de Oosterweelverbinding, maar evengoed nucleaire projecten en het onderhoud van de meest uiteenlopende gebouwen: beweren dat Denys van heel wat markten thuis is, is een understatement van formaat. Het buitenbeentje uit het Belgische aannemerslandschap realiseert sinds ruim 100 jaar een puur organische groei, met continue innovatie als een van de voornaamste hefbomen. “Wij functioneren het best in complexe nicheprojecten, hoofdzakelijk in opdracht van overheden.”

Een blik op de laatste jaarverslagen van Denys is voldoende om te beseff en dat het bedrijf, met hoofdkwartier in Gent, over een ongeloofl ijke smeltkroes van expertise beschikt. Hoe uitdagender het project, hoe liever ze het hebben. Geert Dhont, sinds 1 mei 2025 de nieuwe CEO na een verandering in de aandeelhoudersstructuur, beseft het na 24 jaar bij de innovatieve duizendpoot als geen ander.

“Waar andere aannemers bepaalde niches in de bouwwereld liever van zich afduwen, voelen wij ons daar net in onze comfortzone”, legt hij uit. “Daarom houden wij onze handen in de meeste gevallen ook af van eerder traditionele projecten, zeker in het residentiële segment. We voelen ons vooral in onze sas als we voor overheden ingewikkelde infrastructuurprojecten mogen realiseren. Dat doen we hoofdzakelijk in België en de buurlanden, een zeldzame uitspatting in Burkina Faso of Niger buiten beschouwing gelaten.”

Ventilus in overtreffende trap

STERCK. Hoe zijn jullie activiteiten gestructureerd?

Dhont: “Van de verandering in de aandeelhoudersstructuur vorig jaar hebben we gebruikgemaakt om het organigram van onze activiteiten te hertekenen in drie businessunits. Energies & Water omvat onder meer de aanleg van water-, gas- en oliepijpleidingen. Zo zijn we momenteel in Duitsland intens bezig met de aanleg van ondergrondse hoogspanningsleidingen. Gelijkaardige projecten zullen we op termijn in België doen: in functie van Ventilus zullen we dergelijke infrastructuur onder meer in Torhout en Izegem voorzien. Ter vergelijking: zeker in Duitsland zijn dat projecten van een aanzienlijk grotere schaal dan wat in België op til staat.”

“Een tweede pijler is Civil Engineering Infrastructure. Dit behelst onder meer boringen, de aanleg van tunnels, bruggen, andere civiele werken, maar ook realisaties in de nucleaire industrie. Denk bij dat laatste bijvoorbeeld aan het ontwerp, de productie, de aanleg en renovatie van complexe koelwaterleidingen voor kern- en andere energiecentrales. Zo waren we vorig jaar bijvoorbeeld actief in de kerncentrale van Doel, maar eveneens in Frankrijk. Via onze productie-unit Socea (Antwerpen) fabriceren we daar zelf de leidingen voor, die uiteraard aan erg strenge normen moeten voldoen.”

Yannick Stevens (Business Unit Manager Buildings): “Onder onze derde pijler, Buildings, valt het bouwen van niet-alledaagse complexen. In de meeste gevallen is de overheid daarbij betrokken, bijvoorbeeld via publiek-private samenwerkingen (PPS). Het gaat onder meer om de realisatie van gesofisticeerde laboratoria, theatergebouwen, culturele centra, school- en sportcomplexen, zorginstellingen, enzovoort. Dat kan zowel nieuwbouw, renovatie als een combinatie van beide zijn, zeker als de ondergrond voor extra uitdagingen zorgt. Zo hebben we enkele jaren geleden bijvoorbeeld de restauratie en transformatie van het Beursgebouw in Brussel afgerond. Hoe meer we via een multidisciplinaire aanpak en via speciale technieken voor meerwaarde kunnen zorgen, hoe liever we het hebben.”

Van kleine tot gigantische werven

STERCK. In welke mate zijn jullie onderhevig aan de conjunctuurgevoeligheid van de sector?

Dhont: “De sterke diversificatie, zowel in activiteiten als geografisch, speelt ons in de kaart. Zo realiseren we meer dan de helft van onze projecten buiten de Belgische landsgrenzen, met naast de buurlanden ook onder meer het Verenigd Koninkrijk, Spanje en Zwitserland. De talrijke niches waarin we actief zijn, zorgen ervoor dat we een tijdelijke crisis in een bepaald segment of land veel minder voelen. Eigenlijk spelen we vooral in op het aanpassen van de maatschappelijke infrastructuur aan bepaalde tendensen. Zo vereist de energietransitie essentiële wijzigingen van nutsvoorzieningen. Mede daardoor realiseren we op jaarbasis toch 140 projecten, van heel kleine werven tot realisaties op gigantische schaal.”

STERCK. Welke gevolgen brengt jullie internationale oriëntatie met zich mee?

Dhont: “Het zorgt ervoor dat je versneld op bepaalde vlakken moet investeren. Zo hechten Nederlandse bouwheren heel veel aandacht aan de stikstofdepositie. Dat betekent dat je bij de realisatie van projecten maximaal de natuurlijke ecosystemen moet respecteren. In de praktijk betekent dat ‘uitstootloos’ bouwen. Daarom werken we daar al met elektrische graafmachines, bulldozers en zullen we op korte termijn ook mobiele elektrische kranen aankopen. Als de Belgische markt ooit dat voorbeeld volgt, zullen we daar dus helemaal klaar voor zijn.”

Denys IN CIJFERS
  • 5 buitenlandse vestigingen(Duitsland, Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk en twee in Nederland)
  • 49 nationaliteiten (Engels als voertaal)
  • 85% van de projecten in opdracht van (semi-) overheidsklanten
  • > 500 aanwervingen in 2025
  • 600 miljoen euro omzet in 2024 (+33% in vergelijking met 2023)
  • 1.700 medewerkers

STERCK. In hoeverre zorgen jullie voor onrechtstreekse werkgelegenheid?

Stevens: “We kunnen heel veel met eigen mensen doen. Van onze 1.700 mensen is 40% bediende en 60% arbeider. Daarnaast vertrouwen we nog bepaalde werken toe aan een aantal onderaannemers, maar dat neemt niet weg dat we blijven investeren in extra knowhow en activiteiten. Zo voert ons funderingsbedrijf Future Foundations ook werken uit voor andere aannemers. Met Denys Technics staat er intussen ook een start-up in de steigers die alle gebouwtechnieken kan uitvoeren. Die activiteit echt commercialiseren doen we pas als de structuur op punt staat, we de juiste mensen hebben aangeworven en interne testcases hebben uitgewezen dat we er klaar voor zijn.”

STERCK. Eén specifieke activiteit spreekt extra tot de verbeelding. Wat is Dream Works precies?

Dhont: “Deze afdeling vormt het beste bewijs dat we innovatie erg hoog in ons vaandel dragen. We merken dat heel wat (grote) opdrachtgevers dat echt appreciëren. Als het respecteren van een bepaalde planning extra uitdagend wordt, zorgt de synergie tussen machinale vernieuwing en menselijke daadkracht vaak voor heel wat tijdwinst. Het meest recente voorbeeld daarvan is onze Dreamcutter-technologie. Via een strategische samenwerking met een Duitse machinebouwer hebben we het Cube-systeem ontwikkeld, waarmee bouwen in de binnenstad een stuk eenvoudiger wordt. We kunnen, zelfs met een lage vrije hoogte, wanden tot 40 meter diep en 1,2 meter breed realiseren. Een extra containerunit maakt het wapenings- en betonproces eenvoudiger. We kunnen dit bijvoorbeeld inzetten bij de bouw van ondergrondse treinstations, gebouwen met ondergrondse parkeerplaatsen of vloerniveaus, enzovoort.

Een eerste realisatie in de Antwerpse Groenendaallaan (creatie van een complexe slibwand onder de spoorwegbrug, eveneens in functie van Oosterweel) was heel succesvol. We kijken uit naar een leuk en uitdagend vervolgproject.”

De Dreamcuttertechnologie is het meest recente voorbeeld van onze innovatiekracht.

Denys Support

STERCK. Minder bekend is dat jullie ook gebouwen onderhouden. Op welke manier gebeurt dat?

Stevens: “Dat doen we onder de vlag Denys Support. Vaak bieden we dit aan als verlengstuk van DBFM-projecten (design, build, finance, maintenance). Om praktische redenen organiseren we dit alleen in België. De activiteiten variëren van conventioneel gebouwonderhoud tot de meest uiteenlopende technieken. In bepaalde gevangenissen, zoals die van Haren, verzorgen we zelfs facilitaire diensten. Met deze service spelen we in op een nood van de markt, die graag aanklopt bij partijen die haar volledig kunnen ontzorgen. Zo hebben we bijvoorbeeld ook 12 scholen en 4 sportcomplexen in beheer. We kunnen dit perfect uitbreiden naar ander patrimoniumbeheer en bedrijfsgebouwen, ook als we die niet zelf hebben gebouwd.”

STERCK. Opvallend: in een periode van 103 jaar is Denys puur organisch gegroeid, dus zonder ook maar één overname. Is het de bedoeling die strategie ook in de toekomst aan te houden?

Dhont: “Dat kan, maar we sluiten niets uit. We hebben al een erg breed aanbod, dat we vorig jaar zelfs nog hebben uitgebreid met vier extra diensten: signalisatie voor onze eigen projecten, extra funderingsactiviteiten via de productie van damplanken (verticale elementen voor grond- en waterkering in de (water)bouwkunde, red.), horizontaal gestuurde boringen en een innovatieve methode om PFAS-verontreiniging uit grondwater te elimineren. De innovatiekracht én de mogelijkheid om de resultaten daarvan hoofdzakelijk met eigen mensen uit te voeren, blijven unieke troeven waar we ook de komende 100 jaar heel graag op willen blijven inzetten.”

Top5 meest gelezen
    Top5 gedeelde artikels